Sport en medicijnen

Sport en medicijngebruik
Door: Guido Vroemen, sportarts SMA Midden Nederland

Sport is goed voor de gezondheid, daar bestaat geen twijfel over. Maar wat zijn de risico’s van duursport in combinatie met medicijngebruik. Bij een gezonde leefstijl hoort regelmatig bewegen of sporten. Veel mensen die sporten moeten daarnaast geneesmiddelen gebruiken. Deze geneesmiddelen hebben soms een positieve of negatieve invloed op de sportprestatie. In sommige gevallen wordt het gebruik van bepaalde geneesmiddelen zelfs als doping gezien. Voor wedstrijdsporters is het van belang hier rekening mee te houden. Om te kijken of een medicijn of voedingssupplement op de dopinglijst staat heeft de dopingautoriteit een handige site gemaakt: http://dev.dopingwaaier.nl/ . Op deze site kun je de naam van een medicijn invullen en kijken of deze is toegestaan.
Er zijn geen medicijnen waarbij u niet mag sporten of bewegen. Wel zijn er ziektes waarbij het wordt afgeraden intensief te sporten. Zo is het bijvoorbeeld sterk aan te raden om bij hart- en vaatziekten een inspanningstest te doen bij een sportarts en te overleggen over de eventuele beperkingen m.b.t. intensievere vormen van duursport. Medicijngebruik is nooit een reden om niet te sporten, uw gezondheidstoestand kan dat wel zijn. De sportarts kan vrijwel altijd samen met u kijken welke vorm van sport wel mogelijk zijn.

Welke middelen zijn nadelig voor de sportprestatie of gevaarlijk in combinatie met sport
Wanneer u gaat sporten gaat uw hartslag omhoog, gaan uw longen wijder open staan en neemt uw alertheid en reactievermogen toe. Hierdoor kan uw lichaam beter presteren. Sommige geneesmiddelen, maar ook bijvoorbeeld alcohol, gaan deze natuurlijke lichamelijke reactie tegen en kunnen daardoor de sportprestaties negatief beïnvloeden.

Bètablokkers
Deze middelen worden meestal gebruikt bij hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten en soms bij migraine of angsten. Ze onderdrukken het hartritme en de mogelijkheid van de longen om wijder open te gaan staan. Sporters kunnen hier last van hebben; hun hartslag gaat onvoldoende omhoog en hierdoor worden ze beperkt in prestatievermogen

Medicijnen die het reactievermogen beïnvloeden
Deze grote groep geneesmiddelen is te herkennen aan de gele waarschuwingssticker die de apotheek op de verpakking plakt. Voorbeelden van geneesmiddelen die het reactievermogen beïnvloeden zijn slaap- en kalmeringsmiddelen, antidepressiva en antipsychotica. Een verminderd reactievermogen leidt vaak tot sufheid en onhandigheid. Hierdoor wordt de sportprestatie verminderd. Alcohol heeft zeker een negatieve invloed op het reactievermogen. Fietsen, zeker ook in groepen, wordt gevaarlijker met bovengenoemde medicijnen of alcoholgebruik.

Pijnstillers en ontstekingsremmers
Het gebruik van NSAID’s zoals Ibuprofen, Naproxen, Voltaren, Arcoxia etc. is af te raden bij intensievere vormen van sport. Uit steeds meer onderzoeken blijkt dat NSAID`s ervoor zorgen dat beschadigde spieren, pezen, banden en botten minder snel herstellen. Een zelfde soort effect geldt ook in de trainingsopbouw. Het gebruik van de NSAID’s remt ook de productie van prostaglandines. Deze prostaglandines zorgen weer voor de vorming van collageen, één van de belangrijke bouwstenen in organen en spieren. Het effect van trainen, sterker wordende spieren en pezen wordt door het gebruik van veel pijnstillers verhinderd doordat er te weinig collageen wordt gevormd. Ook zijn er steeds meer aanwijzingen voor een relatie tussen NSAID gebruik en acute hart- en vaatproblemen tijdens en na sport. Een enkele keer Ibuprofen zal echt geen dramatische gevolgen hebben, maar slik dit zeker niet met regelmaat als je ook wilt trainen of een toertocht wilt rijden. Van paracetamol, mits normaal gedoseerd zijn minder schadelijke gevolgen bekend.

Antibiotica
Vaak wordt van antibiotica gedacht dat dit de prestaties en herstel ernstig beïnvloeden. Meestal is echter de reden van het gebruik van deze medicijnen de oorzaak van slechter presteren en herstellen. Op zich is antibiotica niet direct een reden om een training of wedstrijd over te slaan. Indien er sprake is koorts, dan wordt sporten ten zeerste afgeraden in verband met het risico op het ontstaan van myocarditis (ontsteking van de hartspier).

Plastabletten (diuretica)
Diuretica geven een verlaging van de bloeddruk door het uitplassen van overtollig vocht in het lichaam. In combinatie met veel zweten en onvoldoende drinken tijdens het sporten kunnen ze het prestatievermogen verminderen en het risico op flauwvallen en uitdroging vergroten. Je plast niet alleen extra vocht uit, maar ook belangrijke mineralen. Aangeraden wordt dan ook om het vocht aan te vullen met een (isotone) sportdrank in plaats van alleen water. Diuretica worden in de topsport nog wel eens gebruikt om andere doping te maskeren en daarom staan diuretica op de dopinglijst.

Categorieën sportprestatie verbeterende geneesmiddelen
-spierversterkende middelen
-bloed verbeterende middelen
-stimulerende middelen
Spierversterkende middelenzorgen voor meer spiergroei. Dit kan vooral van belang zijn bij krachtsporten. Onder de spierversterkende middelen worden gerekend de anabole steroïden en groeihormonen. Om die reden staan deze op de dopinglijst.

Insuline
Ook insuline staat op deze lijst, omdat het een anabool (opbouwend) effect op de spieren heeft. Normaal insulinegebruik bij een goed ingestelde duursporter met diabetes hoeft geen effect op de sportprestatie te hebben. Wel is het zo dat sport de insulinereceptoren gevoeliger maakt. Dit is zeer positief voor mensen met diabetes en sport kan er op deze manier toe leiden dat het insulinegebruik kan worden afgebouwd of zelfs gestopt. Dit alleen voor DM type 2. Het risico voor een diabetespatiënt die intensief gaat sporten is dat zijn suikerspiegel te laag wordt. Hier moet goed rekening mee worden gehouden. Mede sporters moeten weten van dit risico en hoe te handelen bij een zogenaamde hypo.

EPO (Erythropoïetine)
Geneesmiddelen die de aanmaak van rode bloedcellen stimuleren zijn de zogenaamde EPO ’s. Ze vergroten het zuurstof transporterend vermogen en staan daarom op de dopinglijst.  

Middelen met mentale effecten
Stimulerende middelen zijn de middelen die een oppeppend effect hebben door verhoging van de adrenaline-afgifte of door het verhogen van de hartslag en het wijder maken van de longen. Stimulerende middelen hebben geen effect op de spierkracht of het uithoudingsvermogen, maar hebben vooral een mentaal effect. Voorbeelden van stimulerende middelen zijn amfetamine, cocaïne, efedrine (dit zit in sommige neussprays en hoestmiddelen) en methylfenidaat (Ritalin).

Luchtwegverwijdende medicijnen
Salbutamol (Ventolin), salmeterol en formoterol zijn in principe stimulerende middelen en staan daarom op de dopinglijst, tenzij de sporter ze gebruikt voor de behandeling van een luchtwegaandoening en ze gebruikt worden in normale dagdoseringen met toestemming van een arts. Bij normaal gebruik zijn medicijnen ter behandeling van luchtwegproblemen niet belemmerend voor sport.

Wat wel wat niet
Bij medicijngebruik en sport kan het verstandig zijn om met een sportarts te overleggen wat de mogelijkheden en eventuele beperkingen zijn. Wedstrijdsporters kunnen voor gebruik van bepaalde medicatie een TUE (vrijstelling voor gebruik van middelen op de dopinglijst) aanvragen.